Digital

Digital

Nieuws

De zelfstandigheid van de netwerkschijven

Ooit beweerde ik (Ronald Groeneweg): “De netwerkschijven hebben geen status.”
Dat is een onjuiste bewering.
Kantoorklerken geboren na 1950 hebben over het algemeen geen zin om hun dossiers in te leveren bij het archief. Dat is te ver lopen of het archief maakt toch alles kwijt.
Kantoorklerken geboren na 1950 hebben over het algemeen wel zin om hun digitale documenten op hun netwerkschijven op te slaan. Ze maken er een rommeltje van, maar de netwerkschijven krijgen wel wat het archief zou moeten krijgen.

“We hebben allemaal al jaren de beschikking over programma’s om digitale documenten te maken en netwerkschijven om die documenten op te slaan, helemaal naar eigen inzicht. De kloof tussen het beheren van documenten en de bedrijfsvoering is volledig uit de hand gelopen.”
(Nils Borgesius in een interview, enkele jaren geleden)

Als u een complete netwerkschijf ontvangt, ‘ter archivering’, bewaar deze schijf dan. En schrijf erbij, als context:
“De afdeling Emissiebeleid maakte en verzamelde al deze documenten in de jaren 1993-2007, toen iedere afdeling nog vrij stond te doen wat ie deed.”
Dan valt het wel mee met dat digitale gat.
De historici doen later wat ze moeten doen: reconstrueren en interpreteren.

Bron: Digital juli 2015