Digital

Digital

Nieuws

Transparantie leidt niet zomaar tot vertrouwen

Ze zijn zelden leuk, de nieuwjaarstoespraken van burgemeesters van Commissarissen van de Koning. De meeste burgervaders hebben het over wat gebeurd is in de gemeente of provincie afgelopen jaar en wijden vrome woorden aan “participatiesamenleving, handhaving van de alcoholleeftijd, de decentralisaties in het sociale domein en de aanstaande raadsverkiezingen”.
De redacteuren van Binnenlands bestuur maken er niettemin een sport van om opvallende uitspraken te vinden. De oogst van 2014.

De Commissaris van de Koning van Zuid-Holland Jaap Smit sprak over de integere en transparante overheid. Op zich niets bijzonders, maar opvallend in zijn toespraak was zijn constatering dat transparantie ook tot wantrouwen kan leiden: “Transparantie is het sleutelwoord, maar het is de paradox van deze tijd dat transparantie eerder het wantrouwen voedt dan het vertrouwen versterkt.” Veel mensen verwarren, aldus Smit, integriteit en transparantie met eindeloze speurtochten naar mogelijke misstanden. Daardoor neemt het vertrouwen in de overheid eerder af dan toe.

Commissaris van de Koning van Drenthe Jacques Tichelaar brak in zijn toespraak een langs voor de burgemeester. Die staat immers vrij dicht bij de burger en is vaak de eerste vertegenwoordiger van de overheid die klappen opvangt. In Drenthe sneuvelden in 2013 burgemeesters in Tynaarlo, Veendam en Assen. Een burgemeester doet het eigenllijk nooit goed, constateert Tichelaar: “Als het goed gaat in een gemeente, dan is dat te danken aan de wethouders. Gaat er iets mis, dan heeft de burgemeester het gedaan. Hij is bovendien een halve rechter geworden. Met een straatverbod links, en een sluiting rechts. Werkelijk alles en nog wat komt op zijn bord terecht. Terwijl de waardering laag is. Sterker: bedreigingen aan het adres van autoriteiten zijn aan de orde van de dag.”

Burgemeester Jacques Niederer van Roosendaal suggereerde in zijn nieuwjaarsspeech een verandering van ons staatsbestel. Hij betwijfelde hardop dat de gemeenteraad de bevolking nog vertegenwoordigt nu bij lokale verkiezingen zelden de 50 procent kiezersopkomst wordt gehaald. Hij verwacht dat de rol van de gemeenteraad zal veranderen in die van een soort sub-regionale raad van toezicht: “De rol van de overheid is hooguit een ordenende rol, ter zekerheidstelling van gelijkberechtiging en het voorkómen van eigenrichting. Maar het zijn toch vooral onze inwoners die meer en meer zelfregulerend zijn of worden en daarbij niet onnodig voor de voeten willen worden gelopen. Ik denk dat u eerder een soort Raad van Toezicht wordt, in een regionaal of subregionaal cluster van gemeenten die samen taken oppakt die niet meer alleen kunnen worden uitgevoerd.” Tegen de raadsleden: “U houdt toezicht op het beleid van de bestuurders, doet richtinggevende uitspraken en controleert de besteding van publiek geld. Dit lijkt mij uw toekomst in een notendop.’

Bron: Binnenlands bestuur januari 2014